het gebruik van positieve woorden is dwaaltaal (34/40)
Mijn mini-theorie is dit: we willen aandacht als het niet goed gaat, maar eigenlijk niet echt.
Want dan ligt medelijden op de loer en het laatste wat we willen krijgen is medelijden.
Daarom gaan we in wijsheden praten. Om grip te krijgen op onze gevoelens. Om het gespreksonderwerp met de ander met een ‘positieve noot’ af te sluiten.
Zinnen die slim klinken. Die ook best troostend kunnen aanvoelen. Maar eigenlijk is het met een tang op een varken slaan.
- Zonder regen geen zonneschijn.
- Ik moet meer in het nu leven.
- Het gaat om balans vinden.
- Er zit vast een les in.
- Alles komt goed.
Je kunt moeilijk tegen deze zinnen zijn. Bedoel, ze klinken vriendelijk. Ze voelen onschuldig aan. Maar het zijn allesbehalve wijsheden.
Het is dwaaltaal.
Dwaaltaal als vorm van zelfbescherming.
Het geeft je houvast, zonder dat je echt naar je pijn of ongemak hoeft te kijken.
Het is een laagje woorden dat je afleidt van de werkelijkheid.
Neem bijvoorbeeld: zonder regen geen zonneschijn.
Het klinkt logisch. Je leert de zon pas waarderen na de regen. Maar dat klopt niet.
Regen is geen voorwaarde voor zonneschijn.
Ze bestaan onafhankelijk van elkaar.
Je geniet niet méér van een zonnige dag omdat het daarvoor regende. Je merkt de zon misschien gewoon op, omdat we allemaal verlangen naar licht.
Maar wat deze zin echt zegt, is dat we moeilijke periodes proberen te rechtvaardigen.
Alsof verdriet en tegenslag een diepere reden hebben. Dat ze een groter plan dienen. Maar soms regent het gewoon. Dagenlang. Daar is geen reden voor.
Het leven is geen rechtlijnig verhaal met een moraal. Het is een cirkel.
Na zonneschijn komt er gewoon een stortbui. In het slechtste geval ook nog onweer.
Ken je die uitdrukking: in het ‘nu’ leven?
Ik zou niet weten wat ik in het ‘nu’ heb te zoeken als schrijver. Geef mij maar het verleden of de fantasie van de toekomst.
Je hoofd zit vol zorgen, en dan zeg je: leef in het nu, als magische spons.
Alsof je angsten verdwijnen als je maar hard genoeg naar een grassprietje tussen de stoeptegels kijkt.
Leven in het nu is waardevol als meditatieoefening van tien minuten om even uit je hoofd te komen. Maar iedereen die wel eens mediteert weet dat het moeilijk is om op je adem gefocust te blijven en onmogelijk om je gedachten uit te schakelen. Mediteren gaat ook niet om je gedachten te laten verdwijnen, maar om je concentratie te trainen.
Ik zou zeggen dat je juist wel moet blijven nadenken over vroeger en later.
Dan heb je nog de wijsheid dat alles zich uitbalanceert. Dat we balans moeten vinden om gelukkig te zijn.
Een mooie gedachte. Maar laten we even heel eerlijk zijn.
Het leven is gewoon nooit in balans.
Het is hectisch of saai, eentonig of vol drama. En net als je denkt dat je alles onder controle hebt, gebeurt er iets wat alles omgooit.
Balans klinkt als een ideaal, maar is vaak een manier om controle te willen houden.
Het leven draait niet om controle, maar om hoe je omgaat met verandering.
En dan de laatste. ‘Er zit vast een les in.’
Soms zit er wijsheid in je ervaringen, ja. Maar niet alles wat je meemaakt, is een les. Je blijft dezelfde fouten maken omdat je mens bent, niet omdat je ‘nog niet geleerd hebt’.
Ik weet dat ik op tijd moet vertrekken om mijn trein te halen. Ik heb die les al duizend keer geleerd.
Net op tijd buiten adem naar binnen stappen met een bezweet hoofd is geen pretje. De klapdeuren voor je neus dicht zien gaan, is nog pijnlijker.
Toch mis ik mijn trein nog steeds geregeld.
Waarom? Omdat ik een chaotisch mens ben.
Ik geloof niet meer in de les van te laat komen. Ik denk dat de les is dat ik moet accepteren dat chaos een deel van me is.
Dwaaltaal verzacht. Het maakt moeilijke periodes draaglijker door ze te versimpelen. Maar dwaaltaal is ook een afleidingsmanoeuvre. Het houdt ons weg van wat er echt aan de hand is.
Wat voel je? Wat speelt er? Wat probeer je niet te zien?
Dat zijn ongemakkelijke vragen.
Daarom grijp je naar woorden die alles netjes samenvatten. Maar die woorden leggen niets bloot. Ze maskeren alleen.
Je hoeft niet te zeggen dat je tegenslag je sterker maakt. Je hoeft niet te zeggen dat je ‘nu meer in het nu gaat leven’. Je hoeft niet te benadrukken dat er vast een les in zit.
Je voelt wat je voelt. Het leven is leuk en af en toe gewoon heel kut. Er hoeft niks uitgebalanceerd te worden. We verlangen allemaal naar zonneschijn.